Agrobiodiversiteit – soortenrijkdom in de landbouw
De verscheidenheid aan natuur- en cultuurlandschappen in Overijssel herbergt een grote rijkdom aan plant- en diersoorten. De soortenrijkdom op en rond landbouwgronden, de agrobiodiversiteit, krimpt echter met het intensiveren van de landbouw. Zonder hulp is herstel niet mogelijk. Herintroductie van graanakkers, soortenrijke akkerranden en graslanden en landbouwmethoden zonder, of met slechts minimaal gebruik van chemische hulpstoffen, geven de agrobiodiversiteit weer de ruimte.
|
Het behoud en de ontwikkeling van diversiteit in agro-ecosystemen is wenselijk om verschillende redenen. De meest belangrijke reden is dat de natuurlijke rijkdom aan DNA, leefgebieden en organismen op aarde (planten, dieren, micro-organismen en schimmels) waarborgen biedt voor de toekomst. De diversiteit aan genen en levensvormen biedt keuzemogelijkheden en bronnen. De reden om in bestaande agro-ecoystemen de diversiteit weer te vergroten heeft enerzijds te maken met het streven naar herstel van bedreigde of zeldzame inheemse dier- en plantenpopulaties, anderzijds zien we een grote soortenrijkdom en diversiteit ook als buffer tegen suboptimale omstandigheden in de landbouw, zoals extreme weersomstandigheden en ziektes en plagen (functionele agro-biodiversiteit). De landbouw kan agrobiodiversiteit benutten om daarmee minder afhankelijk te zijn van gewasbeschermingsmiddelen en kunstmest. Houtwallen, akkerranden, bloemstroken en sloten bieden onderdak en bescherming aan natuurlijke vijanden van allerlei plaaginsecten. Een levende bodem helpt bovendien ziektes te weren en de nutriëntenbenutting te verbeteren. |
 |
Uiteindelijk kan agrobiodiversiteit de duurzaamheid van de landbouw verbeteren, met een toegenomen waardering voor de landbouw. Immers een landelijk gebied met hoge agrobiodiversiteit levert ook een mooi landschap voor haar burgers en haar gasten. Dit verhoogt dus niet alleen de kansen voor de natuur, maar ook de binding van de regio en de landbouw met de mensen die erin wonen, werken en recreëren.
Het thema biodiversiteit is een belangrijk speerpunt in een aantal onderzoeksprogramma’s die aangestuurd worden door de ministeries van VROM en LNV. Veel projecten zijn gebundeld in het dossier ‘biodiversiteit’ op de website van VROM.
Daarnaast is het thema agrobiodiversiteit één van de speerpunten voor de biologische landbouwsector internationaal.
 |
Natuurbeherende organisaties, maar ook agrariërs en streekinitiatieven als Stichting Dianthus worstelen echter met een gezamenlijk kernprobleem: het genereren van financiën voor de vergoeding van maatschappelijke diensten zoals natuurbeheer. Omdat het oppervlak natuur in Nederland toeneemt, maar beheervergoedingen niet in dezelfde mate meegroeien, is het budget voor het beheer van terreinen vaak ontoereikend om de gestelde doelen te realiseren. Terreinbeheerders moeten dus op zoek naar nieuwe inkomsten (financieringsbronnen) om het terreinbeheer rendabel te houden. Vereniging Natuurmonumenten beheert in Overijssel naast natuurreservaten ook een aanzienlijk oppervlak cultuurhistorisch waardevolle landbouwgrond. Hoofddoel in het beheer van deze gronden is het realiseren van natuurdoelen (biodiversiteit) en het behoud van de cultuurhistorische structuur. Op deze gronden is gebleken dat het erg moeilijk is om rendabele biologische graanproductie te combineren met hoge natuurwaarden. |