Zeggen dat je veel aan biodiversiteit doet is leuk en aardig. Maar hoe maak je dat hard naar consumenten en bijvoorbeeld aanbieders van natuurgronden? Welke invloed heeft de variatie aan soorten gewassen en vee op de bedrijven van de Echt Overijssel!-deelnemers op de genetische biodiversiteit?
Het antwoord kunnen we voor het eerst zichtbaar maken met de biodiversiteitsmeetlat van CLM. Een bedrijf scoort punten als er meerdere diersoorten of gewassen, of meerdere rassen naast elkaar aanwezig zijn. Voor grasland krijg je extra punten als er meerdere soorten gras staan en als je en naast gras ook nog klaver of wilde kruiden in het land hebt. Ook zeldzame gewassen of rassen, zoals bijvoorbeeld brandrode koeien of spelt, leveren extra punten op. Uit de eerste ervaringen met de meetlat blijkt dat veehouders en akkerbouwers die vooral bulkproducten produceren vaak niet verder komen dan een score van 5. Bij de deelnemers van Echt Overijssel! scoren de meesten 7 of hoger. De hoogste is zelfs 16 voor het gemengde bedrijf van Jan Overesch in Raalte. Jan heeft zowel rundvee en varkens als akkerbouw.
Met de score in combinatie met een lijstje van diersoorten, gewassen en rassen kan iedere ondernemer nu laten zien dat hij werk maakt van biodiversiteit. En als je dus slim bent, kun je hiermee een eigen markt met meerwaarde creëren, met extra smaak en kwaliteit. Daarnaast ben je een interessante partner voor samenwerking met natuurbeheerders en landgoedeigenaren.